Vragen van Prast (PvdD) over verplichte AOV voor zelf­stan­digen


Indiendatum: 13 apr. 2021

Inbreng PvdD (Prast) bij de brief van de minister van SWZ over de hoofdlijnen van de verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen (35074).

De fractie van de PvdD dankt de minister dat hij de commissie SZW van de Eerste Kamer via deze kabinetsbrief op de hoogte houdt van de vorderingen aangaande het zekerstellen dat ook andere werkenden dan werknemers zich (kunnen) verzekeren tegen het arbeidsongeschiktheidsrisico. Dat geldt des te sterker omdat uitvoerbaarheid een uitdaging blijkt te zijn.

Het kabinet vroeg in het Pensioenakkoord de sociale partners om, in overleg met vertegenwoordigers van zelfstandigenorganisaties, een voorstel daartoe uit te werken. De minister laat nu weten dat het betreffende voorstel (Stichting van de Arbeid, “Keuze voor zekerheid”) volgens de impact analyse door de Belastingdienst onuitvoerbaar is. Tegelijkertijd laat de minister weten geen uitvoering te geven aan de door de Tweede Kamer aangenomen motie Stoffer, Tielen en Van Weyenberg die de regering verzoekt om alternatieven en uitzonderingsposities voor de verzekeringsplicht als uitgangspunt te nemen in de verdere uitwerking, en om in de kabinetsbrief in te gaan op de mogelijkheden van ruimere opt-outs en op de keuzevrijheid van zzp'ers.

Naar aanleiding van de kabinetsbrief hebben de leden van de PvdD fractie de volgende vragen.

Omdat mensen zich onderverzekeren tegen een risico met kleine kans en zeer grote impact is het van groot belang zo snel mogelijk te bevorderen dat zelfstandigen zich verzekeren tegen arbeidsongeschiktheid. Nu er bij de uitwerking van het voorstel van de STAR een uitvoerbaarheidsuitdaging blijkt te zijn en mogelijk vertraging optreedt vragen deze leden het kabinet naar de mogelijkheid om op korte termijn de drempel voor het afsluiten van een aov te verlagen, bijvoorbeeld door zelfstandigen bij hun verplichte online contact met relevante instanties te vragen het wel of niet afsluiten van een dergelijke verzekering aan te bieden als verplicht actieve keus of als standaard, analoog aan wat luchtvaartmaatschappijen doen voor verzekeringen tegen risico’s met grotere kans en kleine impact.

De minister geeft aan dat zelfstandigenorganisaties zijn betrokken bij de vraag hoe het voorstel van de STAR kan worden ingericht. Deze leden vragen welke zelfstandigenorganisaties dit waren en hoeveel zelfstandigen zij vertegenwoordigen.

De Belastingdienst schetst als uitvoerbaar alternatief voor het STAR-voorstel een voorziening tegen het arbeidsongeschiktheidsrisico voor zelfstandigen. Deze variant is volgens de impact-analyse het minst complex en het snelst in te voeren. De minister werkt deze mogelijkheid niet uit met als argument dat die niet past in het kader dat is meegegeven in het Pensioenakkoord. Deze leden vragen de minister in hoeverre een kader dat is meegegeven in een (hoofdlijnen)akkoord tussen werkgevers en werknemers leidend moet en mag zijn als het gaat om de invoering van een financieel vangnet voor zelfstandigen.