Bijdrage Visseren-Hamakers (PvdD) over afbouw salde­rings­re­geling klein­ver­bruikers


"Waarom een effec­tieve duurzame subsidie afschaffen, maar vervui­lende fossiele subsidies niet?"

6 februari 2024

Voorzitter,

Vandaag bespreken we de afbouw van de salderingsregeling voor kleingebruikers – waarmee het Kabinet voorstelt dat huishoudens en andere kleingebruikers van elektriciteit minder – en op den duur niets - betaald krijgen wanneer zij met behulp van zonnepanelen meer energie opwekken dan dat zij zelf gebruiken en dus energie terug leveren aan het net.

Argumenten van het kabinet voor de afbouw van de regeling zijn het risico op netcongestie en de lagere inkomsten voor de overheid. Je zou dus kunnen zeggen dat het Kabinet de regeling bijna te succesvol vindt.

Interessant. Het kabinet wil een doelmatige regeling afbouwen die is bedoeld om, met een financiële prikkel, bepaald gedrag of bepaalde activiteiten te stimuleren. De regeling heeft zijn werk gedaan – de markt kan het nu alleen - is de redenering.

Wat zou het mooi zijn als het Kabinet deze redenering op alle dossiers zou toepassen. Bijvoorbeeld op Nederlandse fossiele subsidies van 39,7 – 46,4 miljard euro per jaar, deze hebben al lang hun doel bereikt – het stimuleren van goedkope productie en het ondersteunen van bedrijven. Maar bovendien hebben zij enorme negatieve gevolgen, zoals klimaatverandering en lucht- en bodemvervuiling. Wat zou het mooi zijn als deze subsidies – in lijn met de beredenering om de salderingsregeling af te schaffen – ook afgeschaft zouden worden. Goed voor de schatkist en goed voor de samenleving. De Partij voor de Dieren zou zulke voorstellen van harte ondersteunen – sterker nog – wij pleiten hier al jaren voor.

Het grote verschil tussen fossiele subsidies en de salderingsregeling is dat de salderingsregeling geen grootschalige negatieve maatschappelijke gevolgen kent. Alleen een risico op netcongestie en gemiste overheidsinkomsten. En toch wil het Kabinet deze regeling afbouwen en die andere subsidies vooralsnog niet. Wat is de logica achter dat beleid?

Graag een reactie van de Minister.

Voorzitter,

De minister spreekt van ‘overstimulering’ door de salderingsregeling. Door de regeling zouden er ‘te veel’ zonnepanelen op daken worden geplaatst, waardoor volgens de minister netcongestie dreigt.

Afgelopen najaar zijn er tussen de verschillende overheidsinstanties afspraken gemaakt over de zogenaamde ‘voorkeursvolgorde zon’, waarbij het plaatsen van zonnepanelen op daken en gevels de voorkeur heeft boven andere locaties, zoals onbenutte terreinen in bebouwd en landelijk gebied, of landbouw en natuurgebieden. Voor zonneparken op landbouwgrond en in natuurgebieden geldt hierbij het ‘nee-tenzij’ principe.

De Partij voor de Dieren is blij met deze afspraken maar vraagt zich af hoe die zich verhouden tot de afbouw van de salderingsregeling. Zonnepanelen op daken hebben de voorkeur maar de succesvolle regeling om die te stimuleren wordt afgebouwd. Ik heb hierover de volgende vragen aan de Minister:

Komen hiermee de klimaat- en energiedoelstellingen niet in gevaar? Met andere woorden, wordt de energietransitie er niet door vertraagd?

Is de Minister het eens met de Partij voor de Dieren dat er in principe op elk geschikt dak zonnepanelen zouden moeten worden geplaatst?

Hoe kan er dan sprake zijn van ‘overstimulering’ zolang dit nog niet het geval is?

En is er dan ook geen sprake van ‘overstimulering’ bij fossiele subsidies?

Komt de afbouw van de salderingsregeling simpelweg niet te vroeg? Er zijn nog heel veel onbenutte daken zonder zonnepanelen en we gaan steeds meer elektriciteit gebruiken….

Het verbaast me eigenlijk, Voorzitter, dat Minister Jetten ‘gas’ terugneemt in de energietransitie als er een ‘kink in de kabel’ komt. Ik ben van deze Minister gewend dat hij een er tandje boven op doet als de transitie tegenzit.

Hij werkt wel al aan netcongestie door de zogenoemde actie agenda netcongestie laagspanningsnetten, die, schat ik in, op de midden- tot langere termijn oplossingen zal bieden.

Maar welke oplossingen ziet de minister op de kortere termijn? Welk ‘laag hangend fruit’ ziet de Minister om netcongestie te voorkomen?

Het is al lang bekend dat gedrag van burgers en organisaties niet alleen wordt bepaald door financiële prikkels, maar dat een combinatie van maatregelen nodig is om gewoontes te veranderen, zoals het verschaffen van informatie, technische oplossingen en het laten ervaren van het nieuwe gedrag – het nieuwe gedrag moet ‘normaal’ worden – nieuwe gewoontes moeten kunnen ontstaan en zich ontwikkelen.

Zo stimuleren sommige netbeheerders al het gebruik van elektriciteit als de zon schijnt. Ook kan er meer bekendheid worden gegeven aan bestaande ondersteuningsregelingen voor milieuvriendelijke thuisaccu’s, of kunnen dit soort technische oplossingen voor netcongestie nog verder worden ondersteund.

Kan in plaats van het afschaffen van de salderingsregeling niet meer worden ingezet op dit soort maatregelen? Zodoende wordt en de aanschaf van zonnepanelen gestimuleerd en wordt er gewerkt aan het tegengaan van netcongestie. Het tempo van de energietransitie moet omhoog – niet omlaag.

Ik overweeg op dit punt een motie.

Voorzitter,

Een probleem dat vaak in het debat over de salderingsregeling wordt genoemd is het feit dat de verschillende energiemaatschappijen op verschillende manieren de kosten voor de salderingsregeling via contracten proberen terug te verdienen. Sommige berekenen die kosten door aan alle klanten, ook die zonder zonnepanelen, en anderen alleen aan zonnepaneel-eigenaren. Sommigen hanteren zelfs een boete voor terugleveren aan het net, of weigeren zelfs zonnepaneel eigenaren als nieuwe klant. Er is een soort wilde westen ontstaan in energieland, en de consument is hier de dupe van. De contracten zijn bijna niet meer te vergelijken.

Welke mogelijkheden ziet de Minister om deze wildgroei in verschillende energiecontracten aan te pakken?

Voorzitter, dit brengt me op het punt van energierechtvaardigheid. Burgers met een krappe beurs worden veelal benadeeld in de energietransitie. Zij kunnen vaak geen zonnepanelen betalen of hebben een huurwoning en zijn dus afhankelijk van hun huurbaas om mee te profiteren van een lagere energierekening door zonnepanelen. Ook krijgen zij via sommige energieleveranciers dus wel een hogere energierekening door mee te betalen aan de zonnepanelen van anderen. Dit is niet rechtvaardig.

Het warmtefonds biedt voor huizeneigenaren met een laag en laag middeninkomen al toegankelijke leningen o.a. voor de aanschaf van zonnepanelen. Maar de Minister kiest ervoor om het beschikbaar stellen van 100 miljoen euro uit het klimaatfonds voor zonnepanelen op huurwoningen, afhankelijk te maken van de afbouw van de salderingsregeling. Zo dreigen huurders weer te worden benadeeld in de energietransitie.

Waarom kiest de Minister er voor om deze twee onderwerpen – de afbouw van de salderingsregeling en het stimuleren van zonnepanelen op huurwoningen - te koppelen?

En is 100 miljoen niet veel te weinig voor het stimuleren van zonnepanelen op huurwoningen? Is er niet meer geld vrij te maken door fossiele subsidies af te schaffen waarmee het mes aan twee kanten zou snijden?

Ik overweeg een motie op dit punt.

Tenslotte, Voorzitter, lijkt het voorstel om de salderingsregeling af te bouwen vooral gebaseerd te zijn op financiële argumenten. Het Kabinet ziet dit als kans om t/m 2031 rond de 2,8 miljard euro te besparen. Het Kabinet wil dus een relatief goedkope en doeltreffende duurzaamheidssubsidie afbouwen, en veel duurdere fossiele subsidies, die de doeltreffendheid en doelmatigheid van het duurzaamheidsbeleid van het kabinet in de weg staan, in stand houden. Dat lijkt mij een stap in de verkeerde richting.

Voorzitter, de Partij voor de Dieren staat kritisch ten opzichte van het voorstel om de salderingsregeling af te bouwen, maar wij zijn oprecht benieuwd naar de reactie van de Minister,

en voorts ben ik van mening dat er een einde moet komen aan de bio-industrie.

Tweede termijn:

Voorzitter. Ten eerste dank aan de minister voor de heldere beantwoording van de vragen en voor de levendige debatten de afgelopen tijd. Ik hoop dat we nog een tijdje mogen doorgaan met samen debatteren.

Voorzitter. De Partij voor de Dieren maakt zich zorgen over de klimaat- en energiedoelstellingen van dit kabinet. Als we deze maatregel afschaffen, als we de salderingsregeling afbouwen, gaan we dan niet snijden in de ambitie van ons klimaat- en energiebeleid? De minister is het met ons eens dat we moeten proberen om op alle geschikte daken zonnepanelen te krijgen. Wat ons betreft gebeurt dat zo snel mogelijk. Het tempo van de energietransitie moet dus omhoog. Het tempo van de energietransitie moet niet worden vertraagd door het afbouwen van de salderingsregeling. Er is dus ook geen sprake van overstimulering. Er is sprake van een effectieve maatregel, die wat ons betreft moet worden doorgezet. Overstimulering is wat ons betreft dus een verkeerde voorstelling van zaken. We hebben een regeling die werkt. We hebben haast. Laten we dus vooral doorgaan.

Voorzitter. Het is jammer dat de discussie vandaag een heel erg financiële discussie was, met woorden als "businesscase", "het is te duur" en "we zijn aan het oversubsidiëren". De discussie over de energietransitie en de rol van de salderingsregeling daarin is wat ons betreft niet alleen een financiële discussie. Die gaat ook over de vraag: wat is een effectief klimaatbeleid ons waard? Daarmee is het niet altijd een kosten-batenanalyse, maar is het echt een ethische discussie over hoe we het tempo in de energietransitie houden. Dat is de Partij voor de Dieren heel veel waard.

De minister had het over "een slimme uitrol van zon op dak". Wat ons betreft is een nog slimmere uitrol van zon op dak met een salderingsregeling die heeft bewezen te werken. De minister sprak ook over huurwoningen en de inhaalslag die die zouden moeten maken ten opzichte van koopwoningen. Als ik de minister goed begrijp, is het een keuze die hij aan ons voorlegt: bouwen we de salderingsregeling af, met een investering van 100 miljoen uit het Klimaatfonds, of houden we de salderingsregeling van 2,8 miljard tot 2031? Iedereen die huurders een warm hart toedraagt, zou dan kiezen voor het behoud van de salderingsregeling. Volgens mij zijn huurders daarmee beter af. Maar ik zie de minister zijn hoofd schudden, dus ik kijk uit naar zijn reactie op deze stelling.

We hebben het ook veel gehad over onrechtvaardigheid. Volgens mij spelen in deze discussie twee vormen van onrechtvaardigheid. Eentje is overbelicht, of genoeg belicht, en de andere is wat mij betreft onderbelicht. Het is in de discussie inderdaad veel gegaan over onrechtvaardigheid wat betreft het verschil tussen eigenaren van zonnepanelen en huishoudens zonder zonnepanelen. Maar het gaat ook over onrechtvaardigheid tussen mensen die hebben kunnen investeren in zonnepanelen en mensen die dat nog niet hebben kunnen doen. Die tweede discussie over oude zonnepaneleneigenaren en toekomstige zonnepaneleneigenaren is onderbelicht geweest in de discussie. Eigenlijk zou dat een vorm van rechtvaardigheid tussen de generaties kunnen zijn, maar dan op een andere manier. In het milieu- en het duurzaamheidsbeleid is intergenerationele rechtvaardigheid een belangrijk begrip. Dit is weliswaar niet intergenerationeel, maar het is wel belangrijk om de situatie van de huidige eigenaren van zonnepanelen te vergelijken met die van eventuele toekomstige eigenaren. Ik hoor graag een reflectie van de minister op deze reflecties van mijn kant.

Voorzitter. De Partij voor de Dieren zou de Partij voor de Dieren niet zijn als wij geen moties hadden voorbereid. Ik heb er vier voorbereid. Als de minister toezeggingen wil doen op het gebied van deze moties, dan trek ik de moties uiteraard graag in, maar ik wil ze voor de zekerheid toch indienen. Ik begin met de eerste.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de minister overweegt 100 miljoen euro uit het Klimaatfonds beschikbaar te stellen voor zonnepanelen op huurwoningen;

constaterende dat hij dit alleen overweegt als de salderingsregeling wordt afgebouwd;

overwegende dat investeringen uit het Klimaatfonds losstaan van het besluit over de salderingsregeling;

roept de minister op de 100 miljoen euro uit het Klimaatfonds zo spoedig mogelijk en uiterlijk vanaf 2025 beschikbaar te stellen voor zonnepanelen op huurwoningen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Visseren-Hamakers, Van Apeldoorn, Nicolaï en Koffeman.

Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. Daarmee maakt zij deel uit van de beraadslaging.

Zij krijgt letter J (35594).

Mevrouw Visseren-Hamakers (PvdD):

Onze tweede motie gaat ook over die 100 miljoen, maar vooral over de discussie die we hebben gehad of die 100 miljoen wel voldoende is om zonnepanelen op huurwoningen uit te rollen.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de minister overweegt 100 miljoen euro uit het Klimaatfonds beschikbaar te stellen voor zonnepanelen op huurwoningen;

overwegende dat 100 miljoen euro niet voldoende is om nog zeker 1,1 miljoen huurwoningen in Nederland te voorzien van zonnepanelen, zoals aangegeven door onder andere VNG, Consumentenbond, Vereniging Eigen Huis en Aedes;

constaterende dat daardoor het gat tussen koop- en huursector niet gedicht wordt;

roept de minister op te onderzoeken op welke wijze meer dan 100 miljoen euro vrijgemaakt kan worden en hierover uiterlijk in het derde kwartaal van 2024 te berichten aan de Eerste Kamer,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Visseren-Hamakers en Koffeman.

Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. Daarmee maakt zij deel uit van de beraadslaging.

Zij krijgt letter K (35594).

Mevrouw Visseren-Hamakers (PvdD):

De derde motie gaat over het feit dat de energietransitie en de rol van burgers daarin niet alleen maar een financiële discussie is, maar ook een kwestie van gedragsverandering. Burgers maken dus niet alleen op basis van financiële analyses keuzes over hun consumptiegedrag; daar spelen ook andere aspecten bij.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat het risico op netcongestie toeneemt door het toenemend gebruik van zonnepanelen;

overwegende dat het elektriciteitsnet minder belast wordt wanneer kleinverbruikers de door hen opgewekte stroom gebruiken op momenten dat het stroomnet minder vol is;

overwegende dat dit een gedragsverandering vereist bij kleinverbruikers;

overwegende dat een overheidscampagne een bijdrage kan leveren aan die gedragsverandering;

verzoekt de regering een overheidscampagne te ontwikkelen waarmee kleinverbruikers van zonnepanelen over het nut van deze gedragsverandering worden geïnformeerd,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Visseren-Hamakers, Nicolaï en Koffeman.

Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. Daarmee maakt zij deel uit van de beraadslaging.

Zij krijgt letter L (35594).

Mevrouw Visseren-Hamakers (PvdD):

Voorzitter. Ten slotte een laatste motie, ook over het tegengaan van netcongestie, vooral door het stimuleren van milieuvriendelijke thuisaccu's.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat het risico op netcongestie toeneemt door het toenemend gebruik van zonnepanelen;

constaterende dat dit deels opgelost kan worden wanneer meer thuisgebruikers een thuisaccu gebruiken waarmee zij een deel van hun zelf opgewekte stroom kunnen opslaan en op een later moment kunnen gebruiken;

overwegende dat er momenteel nog geen subsidie bestaat voor thuisaccu's;

overwegende dat thuisaccu's op zoutwater een duurzaam en milieuvriendelijk alternatief zijn voor lithium- en loodzuuraccu's;

overwegende dat de kosten voor zoutwateraccu's voor kleinverbruikers een drempel kunnen vormen voor de aanschaf;

verzoekt de minister te onderzoeken of subsidie voor thuisaccu's op zoutwater per 1 januari 2025 mogelijk is, en daarover uiterlijk in het derde kwartaal van 2024 aan de Kamer te rapporteren,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Visseren-Hamakers, Nicolaï en Koffeman.

Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. Daarmee maakt zij deel uit van de beraadslaging.

Zij krijgt letter M (35594).

Mevrouw Visseren-Hamakers (PvdD):

Daarmee ben ik klaar met mijn tweede termijn, voorzitter.